Reizigersdiarree: praktische handvatten
Reizigersdiarree is de meest voorkomende reisgerelateerde aandoening en wordt gekenmerkt door drie of meer dunne of vloeibare ontlastingen binnen een periode van 24 uur, dit tijdens de reis zelf of binnen 14 dagen na terugkeer.

Reizigersdiarree is doorgaans niet levensbedreigend maar kan gepaard gaan met misselijkheid, braken, buikpijn of koorts en kan in sommige gevallen ernstige vormen aannemen.
Classificatie
Men onderscheidt verschillende gradaties:
• mild: draaglijk en niet hinderlijk;
• matig: hinderlijk en/of belemmert de activiteiten;
• ernstig: invaliderend of verhindert de activiteiten volledig; alle dysenterie wordt als ernstig beschouwd;
• dysenterie: ontlasting met zichtbaar bloed, vaak vergezeld van ernstige algemene symptomen waaronder koorts.
Verantwoordelijke micro-organismen
In 80 tot 90% van de gevallen is een bacteriële infectie (Escherichia coli, Campylobacter jejuni, Shigella spp., Salmonella spp., Aeromonas spp., Plesiomonas spp.) de oorzaak, de incubatieperiode is eerder kort (zes uren tot zeven dagen) en doorgaans zijn de symptomen na een week volledig verdwenen.
Soms liggen toxines van bv. Clostridium perfringens of Staphylococcen aan de basis.
Virussen (astrovirus, norovirus, rotavirus) zijn verantwoordelijk voor 5 tot 15% van de infecties, ook hier is de incubatieperiode eerder kort met een vrij plotse start en een einde na twee of drie dagen.
Tot slot zijn protozoa voor ongeveer 10% van de gevallen verantwoordelijk. De incubatietijd is langer, doorgaans een tot twee weken en de aanvang is trager, maar kan ook langer aanslepen. Meest voorkomende is Giardia duodenalis. Hierbij zijn in ongeveer 80% van de gevallen geen symptomen. Indien symptomatisch treedt een ongedifferentieerde acute tot subacute diarree op, die gemiddeld een tot zes weken duurt. Bij sommigen is de diarree steatorroeïsch met malabsorptie. De diarree kan gepaard gaan met lichte koorts, buikpijn, ructus, meteorisme en anorexie, malaise en braken.
Behandeling
Rehydratie
In milde gevallen kan dit met elke vloeistof (ook sportdrank), hoewel te zoete dranken (bv. frisdrank) in grote hoeveelheden osmotische diarree kunnen veroorzaken.
Bij ernstig vochtverlies is een orale rehydratieoplossing (ORS) de beste vervanging. Voor kinderen mogen alleen commerciële zakjes worden gebruikt, omdat er bij zelfgemaakte mengsels een risico op doseringsfouten bestaat.
Wanneer bepaalde medicatie wordt gebruikt, zoals diuretica of metformine, wordt geadviseerd om die tijdelijk te staken of de dosis te verlagen.
Anti-diarreemedicatie
Twee producten worden hierbij aanbevolen:
- Loperamide vermindert de frequentie van de stoelgang met een inname van 2 mg na elke dunne ontlasting, met een maximum van vier keer per dag. Loperamide alleen wordt niet aanbevolen bij bloederige diarree of bij diarree en koorts. Gebruik in combinatie met antibiotica is veilig, zelfs in gevallen van invasieve pathogenen, maar het optreden van multiresistente micro-organismen lijkt vaker voor te komen bij gelijktijdige toediening.
- Racecadotril is een secretieremmer die vocht- en elektrolytenverlies, als gevolg van acute diarree, kan voorkomen zonder de darmmotiliteit te beïnvloeden. Het lijkt veilig en goed verdraagbaar te zijn en er zijn aanwijzingen dat racecadotril effectiever is dan placebo of geen behandeling wat betreft ziekteduur en de ontlastingshoeveelheid bij kinderen met acute diarree, maar gegevens zijn schaars.
Aanvullende symptomatische behandelingen
Voor de bijkomende symptomatische behandeling van nausea, braken, koorts en abdominale pijn bestaan geen specifieke aanbevelingen bij reizigersdiarree, de behandeling is zoals bij elke andere ‘gewone’ gastro-enteritis.
Antibiotica
Antibiotica zijn over het algemeen niet nodig en daarom wordt het voorschrijven van antibiotica niet standaard aanbevolen. ‘Gewone’ waterige reizigersdiarree stopt meestal vanzelf en het effect van antibiotica wordt vaak overschat. Er is geen onderzoek dat aantoont dat antibiotica klinisch superieur zijn aan loperamide alleen bij de behandeling van milde of matige reizigersdiarree.
De Nederlandse COMBAT-studie toont dat reizigers die tijdens hun reis antibiotica innemen, bij terugkeer vaker gekoloniseerd zijn met multiresistente bacteriën en deze bacteriën binnen hun huishouden kunnen overdragen.
Antibioticaprofylaxis is niet aangewezen, net zomin als antibiotica meegeven ‘uit voorzorg’ tenzij het gaat om bv. immuno-gecompromitteerde patiënten (post-transplant, hiv,...) of mensen met ernstige comorbiditeiten (bv. nierfalen). Het voorkeursproduct hierbij is azitromycine.
Behandeling van giardia-infecties
Voor de behandeling hiervan worden nitro-imidazolen aanbevolen, met name tinidazol waarvan 2 gram in één dosis moet worden ingenomen (volwassen patiënt). Metronidazol kan ook worden gebruikt, maar veroorzaakt meer bijwerkingen. Ornidazol 500 mg tweemaal daags is een alternatief, bij voorkeur gedurende vijf dagen. Alcohol moet worden vermeden, aangezien er een antabuse-effect kan optreden. Soms worden ook secnidazol of nimorazol gebruikt.
Alarmsymptomen
Rode vlaggen die steeds tot meer opvolging nopen zijn: hoge koorts, bloed in de stoelgang, ernstige abdominale pijn, meer dan achtmaal stoelgang per dag, aanhoudende symptomen ondanks behandeling en zwangerschap.
Meer info:
artsen.wanda.be/en/a-z-index/travellers-diarrhoea/